WITBORST RIETVINK - Lonchura pectoralis

De witborst rietvink onderscheidt zich van de bruinborst rietvink door de witte band op de borst met zwarte vlekken, de bovenzijde is bruin tot zilvergrijs gekleurd. De mannen hebben op de borst een grotere schubtekening dan de poppen.

De zang van de man bestaat slechts uit korte chip, chip, chip loktonen.

In de broedtijd maakt de man de pop het hof, door op de grond om haar heen te draaien onder het maken van buigingen, dan weer zitten ze snavel tegen snavel lange tijd stil, waarna ze ijverig samen in de grond pikken.

De man laat de vleugels hangen en wipt met de gespreide staart op en neer.

De 4-5 eitjes worden afwisselend, maar meestal door de pop bebroed en komen dan na 13 dagen uit.

Het is gewenst door het opfokvoer wat meelwormen te geven.

De lengte van de witborst rietvink is 11,5 cm, het land van herkomst is Australie.


Terug naar de homepage

Tropische vogels | Afrikaanse prachtvinken | Australische prachtvinken | Zebravinken | Japanse meeuwen | Wevers en wida's
| Insecteneters | Vruchteneters | Gorzen | Duiven en kwartels

Otto van Reesweg 45
4105 AB Culemborg

Telefoon: 0345-518326

E-mail: info@speciaalclub.nl